3 min
-
- Laatste update:
- Plaatsingsdatum:
- Update datum:
Zzp'er zonder pensioen? Bij BrightPensioen regel je het makkelijk zelf, met fiscaal voordeel. En: hoe eerder je begint, hoe beter je ervoor staat. Bright maakt pensioenopbouw transparanter, eerlijker en voordeliger. Ontdek hoe jij slim en flexibel vermogen opbouwt voor later, zonder gedoe of verborgen kosten. Welcome to the Bright side.
In deze blog:
- 1. "Mijn geld op een spaarrekening zetten is veel veiliger"
- 2. "Als ik voor mijn pensioen overlijd, ben ik al ingelegde geld kwijt"
- 3. "Als ik geld inleg, staat het tot vast tot mijn pensioen"
- 4. "Pensioen is altijd een vaste maandelijkse uitkering tot je dood"
- 5. "Ik ben al 50+, dus het heeft voor mij toch geen zin meer"
- De conclusie? Begin gewoon.
De 5 grootste misvattingen over pensioen voor zzp’ers
Bij BrightPensioen horen we dagelijks mensen aan de telefoon die pensioen opbouwen al lange tijd voor zich uitschuiven. Het ligt zelden aan onwil. Vrijwel altijd zijn het hardnekkige fabeltjes die tot uitstelgedrag leiden. Pensioen is te ingewikkeld, voor opbouwen is het te laat, of sparen is veiliger. Tijd om die misverstanden voor eens en altijd op te helderen.
1. "Mijn geld op een spaarrekening zetten is veel veiliger"
Sparen voelt veilig, maar het geeft je op de lange termijn vrijwel zeker een kleine pensioenpot. De rente die je op spaargeld krijgt, ligt vaak te dicht bij inflatie om echt vermogen op te bouwen. Om op de lange termijn een goede pot op te bouwen, is beleggen daarom de slimste optie. Het is niet voor niets dat wereldwijd elke pensioeninstelling belegt. Zo geef je je geld de kans om daadwerkelijk te groeien en bouw je een goed pensioen op.
2. "Als ik voor mijn pensioen overlijd, ben ik al ingelegde geld kwijt"
Dit is een hardnekkige misvatting. Maar wel een begrijpelijke. Wie pensioen opbouwt via een collectieve regeling (zoals een pensioenfonds, verzekeraar of PremiePensioenInstelling loopt dit risico. Bij zulke collectieve regelingen vervalt je opgebouwde kapitaal bij overlijden aan de gezamenlijke pot om de pensioenen van anderen te garanderen. Wanneer iemand statistisch eerder overlijdt dan verwacht bij een levensverzekeraar of pensioenfonds heet dit met een lelijk woord: ‘sterftewinst’.
Bij individueel pensioen in de derde pijler werkt dat gelukkig heel anders. Dat geld is namelijk van jou. Mocht je iets overkomen voordat je van je pensioen kunt genieten, dan gaat het opgebouwde bedrag rechtstreeks naar je nabestaanden, zoals je partner of kinderen. Zij kunnen het vervolgens maandelijks aan zichzelf laten uitkeren. Bij een bancaire lijfrente blijft je vermogen altijd van jou of je in geval van overlijden: je nabestaanden.
3. "Als ik geld inleg, staat het tot vast tot mijn pensioen"
Het klopt dat geld op een officiële pensioenrekening (lijfrenterekening) in principe geblokkeerd is voor alledaagse uitgaven. Dat is de spelregel van de overheid in ruil voor het belastingvoordeel dat je krijgt: vrijstelling van vermogensbelasting in box 3. Tenslotte is het hele idee hiervan dat je geld reserveert voor later. Maar het idee dat het 'op slot zit, wat er ook gebeurt' klopt simpelweg niet.
Mocht de nood echt aan de man zijn, dan kun je een lijfrente altijd afkopen. Je moet dan alsnog de inkomstenbelasting betalen plus revisierente van max. 20%. Het is fiscaal meestal niet aantrekkelijk, maar het kan wel.
Een belangrijkere uitzondering: raak je langdurig arbeidsongeschikt? Dan mag je het opgebouwde geld binnen de wettelijke regels zonder fiscale boete opnemen. Dan hoef je alleen de revisierente niet te betalen, wel de inkomstenbelasting.
4. "Pensioen is altijd een vaste maandelijkse uitkering tot je dood"
Ook deze gedachte komt rechtstreeks uit de tweede pijler. Bij een fonds via een werkgever staat de formule immers vast: vanaf je AOW-leeftijd krijg je tot je dood elke maand exact hetzelfde bedrag uitgekeerd.
Op je eigen pensioenrekening heb je juist zelf de volledige regie over hoe en wanneer je jouw geld gebruikt. Het is jouw vermogen, dus jij bepaalt het tempo. Wil je het opgebouwde bedrag na je pensioen liever in een kortere periode van bijvoorbeeld 5 of 10 jaar laten uitkeren, omdat je in de eerste fase van je pensioen fit bent en lekker wilt reizen? Of wil je al op je 63e minder gaan werken en je potje gebruiken als overbrugging tot je AOW? Dat kies je allemaal zelf op het moment dat je begint met uitkeren.
Natuurlijk zijn er vanuit de Belastingdienst een paar fiscale spelregels aan verbonden (zoals een minimale looptijd als je vóór je AOW-leeftijd begint), maar de flexibiliteit is onvergelijkbaar met een traditioneel pensioenfonds. Jij bepaalt hoe jouw geld meebeweegt met jouw leven, en niet andersom.
5. "Ik ben al 50+, dus het heeft voor mij toch geen zin meer"
Dit is misschien wel de hardnekkigste gedachte van allemaal. Veel veertigers en vijftigers denken dat pensioen opbouwen alleen werkt als je op je twintigste begint. Natuurlijk zit er een kern van waarheid in: hoe langer je opbouwt, hoe meer je geld kan renderen en hoe beter je schommelingen op de beurs opvangt. Maar ‘te laat’ is het nooit.
Pensioen opbouwen is op latere leeftijd fiscaal juist ontzettend aantrekkelijk. Omdat je als vijftiger vaak meer verdient, is de kans groter dat een deel van je inkomen in de hoogste belastingschijf valt. Als je een pensioentekort hebt, mag je jouw inleg – binnen je jaarruimte – aftrekken van je belastbaar inkomen. Hierdoor betaalt de Belastingdienst via je aangifte tot wel 49,5 procent mee aan je inleg. Over de uitkering na je pensioen betaal je alsnog belasting, maar na je AOW-leeftijd valt die uitkering doorgaans in een veel lager tarief.
Bovendien mag je de niet-gebruikte jaarruimte van de afgelopen tien jaar alsnog inhalen via de reserveringsruimte. Zelfs met nog maar tien of vijftien jaar te gaan, kun je op deze manier razendsnel een flinke buffer opbouwen. En werk je na je pensioen nog even door? Je mag zelfs tot uiterlijk 5 jaar na het bereiken van je AOW-leeftijd blijven inleggen met belastingvoordeel.
De conclusie? Begin gewoon.
Het grootste misverstand is misschien nog wel dat pensioen regelen een ingewikkeld 'alles-of-niets'-project is. Dat is het niet. Het gaat niet om enorme bedragen of ingewikkelde contracten, maar om het nemen van de regie over je eigen financiële vrijheid.
Of je nu dertig of vijftig bent: begin klein, maak slim gebruik van de belastingvoordelen en laat de tijd voor je werken. Want van een beetje financiële rust voor later heeft nog nooit iemand spijt gekregen.
Direct beginnen? Begin vandaag nog en word Bright-lid. Eerst meer informatie? Plan vrijblijvend een gratis belafspraak of bekijk eerst ons webinar.
Bij BrightPensioen regel je als zelfstandig ondernemer of DGA zélf je pensioen. Zonder gedoe, zonder kleine lettertjes. Jij bepaalt hoeveel je inlegt en wanneer, en profiteert tegelijkertijd van fiscaal voordeel. Bright belegt jouw inleg duurzaam en tegen kostprijs. Zo blijft jouw vermogen écht van jou. Leden worden mede-eigenaar van Bright en beslissen mee over de koers. Of je nu veel of weinig wilt inleggen: jij houdt de regie. Zo bouw je aan financiële vrijheid – op jouw manier. Welcome to the Bright side.
