• 4 min
  • Laatste update:
  • Plaatsingsdatum:

#ZZPUpdate week 33: Ingangsdatum rechtsvermoeden bij lage tarieven zzp'ers bekend, extreme hitte zet omzet ondernemers onder druk en werken via een intermediair maakt zzp'er niet minder ondernemend

#ZZPUpdate week 33: Ingangsdatum rechtsvermoeden bij lage tarieven zzp'ers bekend, extreme hitte zet omzet ondernemers onder druk en werken via een intermediair maakt zzp'er niet minder ondernemend

Geschreven door:

Rechtsvermoeden voor zzp’ers onder uurtariefgrens gaat eind 2026 in

Het rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst op basis van het uurtarief treedt op 31 december 2026 in werking. Zelfstandigen die minder verdienen dan de geldende tariefgrens kunnen zich vanaf die datum beroepen op het vermoeden dat zij eigenlijk werknemer zijn. De bewijslast komt daardoor bij de opdrachtgever te liggen. Die moet aantonen dat er ondanks het lage tarief geen arbeidsovereenkomst bestaat. Lukt dat niet, dan kan de werkende aanspraak maken op werknemersrechten zoals loondoorbetaling bij ziekte en ontslagbescherming. Het rechtsvermoeden geldt ook voor opdrachten die op 31 december al lopen. De regeling geldt uitsluitend bij zakelijke opdrachtgevers. Zzp’ers die rechtstreeks voor particulieren werken, vallen er niet onder.

Een tarief boven de grens betekent overigens niet automatisch dat iemand juridisch als zelfstandige geldt. Ook dan blijft de manier waarop de opdracht in de praktijk wordt uitgevoerd bepalend. In de wet staat een basisbedrag van € 36 per uur. Dat bedrag wordt geïndexeerd volgens de ontwikkeling van het minimumloon en naar boven afgerond. Daardoor wordt vooralsnog uitgegaan van een grens van ongeveer € 38. Het definitieve bedrag wordt bepaald door de indexatie die op de ingangsdatum geldt. De invoering op 31 december houdt verband met afspraken die Nederland heeft gemaakt binnen het Europese Herstel- en Veerkrachtplan. Zzp’ers en opdrachtgevers met lagere tarieven doen er daarom goed aan hun afspraken en feitelijke samenwerking ruim voor het einde van het jaar opnieuw te beoordelen.

Bron: ZZP Nieuws

Minder faillissementen in juli, ook onder eenmanszaken

Het CBS registreerde in juli 2026 in totaal 282 uitgesproken faillissementen. In juni waren dat er nog 383. Na correctie voor het wisselende aantal zittingsdagen daalde het aantal faillissementen van 333 in juni naar 295 in juli. Ten opzichte van juli 2025 is eveneens sprake van een daling. Toen kwam het gecorrigeerde totaal uit op 334 faillissementen. Onder natuurlijke personen met een eenmanszaak werden in juli 35 faillissementen uitgesproken. Een maand eerder waren dat er 49. Gecorrigeerd voor zittingsdagen steeg het aantal faillissementen van eenmanszaken wel licht van 34 in juli 2025 naar 37 in juli 2026. Bij bedrijven en instellingen werden in juli 219 faillissementen uitgesproken. Het voor zittingsdagen gecorrigeerde aantal kwam voor deze groep uit op 229.

Dat waren er 31 minder dan in juni en 36 minder dan in juli vorig jaar. De cijfers geven daarmee een overwegend gunstiger beeld van de financiële gezondheid van het bedrijfsleven. Voor zzp’ers blijft voorzichtigheid echter belangrijk, omdat een faillissement van een opdrachtgever direct tot onbetaalde facturen kan leiden. Het is verstandig om betaaltermijnen te bewaken en bij grotere opdrachten tussentijds te factureren. Ook een kredietcontrole en duidelijke afspraken over voorschotten kunnen het debiteurenrisico beperken. De cijfers over juni en juli zijn voorlopig en kunnen later nog worden aangepast.

Bron: CBS

Bereken jouw uurtarief

Wil je weten wat jij overhoudt? Gebruik onze uurtarief calculator!

Uurtarief

Extreme hitte zet omzet en productiviteit van ondernemers onder druk

De langdurige hitte en droogte kunnen de economische groei in de Europese Unie dit jaar met ongeveer één procentpunt verlagen. Dat komt volgens een analyse van Triodos Bank neer op circa 180 miljard euro aan economische schade. Voor Nederland wordt een negatief effect van ongeveer 0,8 procentpunt op de groei geraamd. Daarmee zou de eerder verwachte Nederlandse economische groei vrijwel volledig kunnen verdwijnen. De belangrijkste schadepost is een afname van de arbeidsproductiviteit. Niet alleen buitenwerkers hebben bij hoge temperaturen moeite om hun normale productie te halen. Ook kantoorwerk wordt minder efficiënt wanneer werkruimtes onvoldoende kunnen worden gekoeld. Slechter slapen en belastend woon-werkverkeer kunnen de productiviteit verder verminderen.

Daarnaast veroorzaken hitte en droogte problemen in de landbouw, energieproductie, logistiek en het vervoer over water. Lagere oogsten kunnen leiden tot hogere voedselprijzen. Beperkingen bij elektriciteitsproductie en een grotere vraag naar koeling kunnen de energiekosten verhogen. Voor zzp’ers kunnen deze ontwikkelingen zichtbaar worden in hogere bedrijfskosten, vertragingen en minder declarabele uren. De onderzoekers noemen aangepaste werktijden en betere isolatie als praktische maatregelen. Ook klimaatbestendige gebouwen en infrastructuur kunnen toekomstige schade beperken. Zelfstandigen die buiten of in warme ruimtes werken, moeten daarbij nadrukkelijk rekening houden met hun eigen gezondheid en inzetbaarheid. De analyse onderstreept dat extreem weer steeds meer een concreet bedrijfsrisico wordt dat thuishoort in de planning, verzekeringen en financiële buffer van ondernemers.

Bron: Triodos Bank

Werken via een intermediair maakt een zelfstandige niet minder ondernemend

Brancheorganisaties benadrukken dat zelfstandigen die via een intermediair opdrachten uitvoeren net zo goed ondernemer kunnen zijn als zzp’ers die rechtstreeks voor klanten werken. Een intermediair brengt vraag en aanbod bij elkaar en kan de contractering, facturatie en administratieve afhandeling verzorgen. Die tussenkomst bepaalt volgens de organisaties niet of iemand werknemer of zelfstandig ondernemer is. Daarvoor moet worden gekeken naar alle omstandigheden waaronder de opdracht wordt uitgevoerd. Belangrijke factoren zijn onder meer de mate van zelfstandigheid, het ondernemersrisico en de vrijheid om het werk zelf te organiseren. Ook het optreden op de markt en investeren in de eigen onderneming spelen een rol. Veel grote opdrachtgevers werken vanuit hun inkoopbeleid uitsluitend of bij voorkeur met intermediairs. De keuze voor deze route ligt daardoor niet altijd bij de zelfstandige zelf. Het zou volgens de brancheorganisaties onjuist zijn om zo’n verplichte route als teken van afhankelijkheid of schijnzelfstandigheid te beschouwen. Een intermediair kan juist bijdragen aan professionelere afspraken en een betere controle op wet- en regelgeving.

Dat ontslaat de betrokken partijen niet van hun eigen verantwoordelijkheden. De zzp’er moet aannemelijk kunnen maken dat hij voor eigen rekening en risico werkt. De opdrachtgever moet voldoende ruimte bieden om de opdracht zelfstandig uit te voeren. De intermediair moet zorgen dat de verschillende rollen en verantwoordelijkheden in de contracten helder zijn vastgelegd. De brancheorganisaties vragen daarom om beleid waarin intermediaire dienstverlening niet bij voorbaat negatief wordt beoordeeld. Dat is extra relevant nu opdrachtgevers door de handhaving op schijnzelfstandigheid voorzichtiger zijn geworden met zzp-inhuur. Voor zelfstandigen is de kernboodschap dat werken via een bemiddelaar op zichzelf geen bewijs voor of tegen ondernemerschap vormt: de werkelijke uitvoering van de opdracht blijft doorslaggevend.

Bron: ZiPconomy

Lees hier al het nieuws van ikwordzzper.nl

Lees ook eens: